Tien jaar Bruce Springsteen – ‘Magic’

RE:introducing

Het was het bewijs dat er nog leven was na de grote successen, dat the boss het nog steeds kon. En dat heeft hij later meer dan bewezen. Onze (kv) had tien jaar geleden ook al door dat Springsteen nog steeds 'Magic' in de vingers had..

Het was het bewijs dat er nog leven was na de grote successen, dat the boss het nog steeds kon. En dat heeft hij later meer dan bewezen. Onze (kv) had tien jaar geleden ook al door dat Springsteen nog steeds 'Magic' in de vingers had..

We zullen eerlijk zijn, na alle commotie en media-aandacht dat dit plaatje te beurt viel, hadden we even de tijd nodig om het te laten bezinken. Vooral om de tekst en ook de muziek stapje voor stapje te doorgronden. Waar er aanvankelijk door manager Jon Landau werd aangegeven dat ‘Magic’ geen politiek geladen epos zou zijn, barst dit plaatje ons inziens van de anti-Amerikaanse propaganda. Zij het misschien her en der iets subtieler als vroeger. Maar laat dat de pret niet bederven. Integendeel, The Boss heeft met zijn E Street Band wederom een puike plaat afgeleverd en laat het nu net dat zijn waar het allemaal om draait.

Waar Bruce Springsteen de laatste vijf jaar voornamelijk op zoek ging naar intimiteit; ‘Devils And Dust’ en glorieuze folk; ‘We Shall Overcome : The Seeger Sessions’, mogen we dit schijfje muzikaal het logische vervolg op ‘The Rising’ - in volle 9/11 crisis – noemen. Het grote verschil met bovengenoemd monument schuilt hem voornamelijk in het feit dat we ons niet van de indruk kunnen ontdoen dat de hele bende op dit plaatje de rusteloosheid inwisselde voor een meer relaxte en ontspannen manier van musiceren. Iets wat de meeste songs op de plaat zeker ten goede komt.

Neem nu opener en norse houthakkerssingle Radio Nowhere. Spontaan worden we terug meegevoerd naar de, excuseer ons het woord, spierballenrock ten tijde van ‘Born In The USA’. Ja, haast spontaan halen wij onze bandana en die gescheurde jeans vanonder een dikke laag stof. “I Want A Thousand Guitars, I Want Pounding Drums”, Springsteen op de barricade geruggensteund door de hele E Street Band met een bijzonder grote schijnwerper op Clarence Clemons, wiens saxofoonpartijen voor de gelegenheid andermaal door merg en been snijden. Wat overigens een constante op het hele album blijkt te zijn.

Even vrezen we dat de achtenvijftigjarige veteraan het evenwicht verliest. Na het orkestrale You’ll Be Comin’ Down, blijkt Livin’ In The Future net iets té gepolijst en lankmoedig. Achter de song schuilt nochtans een heroïsche – of wat had u gedacht? - Boss-boodschap. Klote om met dergelijk beroerd en dominerend beleid schaakmat te staan, zouden we vrij vertaald durven stellen. Nog meer predikaten spotten we ondermeer in songs als Last To Die (het volk op de vlucht voor politieke beslissingen), Your Own Worst Enemy (het volk bang van zijn eigen beleid) en Gypsy Biker (het relaas over een gesneuvelde soldaat in Irak). Het is overigens (vreemd genoeg) ook net die laatste song, naast afsluiter Devil’s Arcade, die het meest beklijft en blijft nazinderen. Vreemd genoeg, omdat beide pareltjes niet representatief zijn voor het geheel. Waar Springsteen op het overgrote deel van ‘Magic’ zichzelf laat kennen als noeste rocker, kan de man het niet laten om de onverbiddelijke zielenknijper in zichzelf toch even op te roepen.

We kunnen dan ook concluderen dat ‘Magic’ zijn titel niet gestolen heeft. Of hoe The Boss, vierendertig jaar na de release van het legendarische ‘Greetings from Asbury Park N.J.’, nog steeds met diezelfde devote houding de rock-‘n-roll bedrijft.

1 oktober 2017
Kevin Vergauwen